75: passo della Mendola

La Collista numèro 75: Passo della Mendola
# Beschrijving
Vanaf de voet van de Passo della Mendola - gelegen aan de drukke verkeersader van de Strada del Vino dell’Alto Adige - bedraagt de afstand naar de top van de Mendola dertien kilometer. Deze drukke Weinstraße is gesitueerd aan de oostzijde van de Mendola vlakbij Bolzano. De weg kan door de fietser het beste vermeden worden door de route via de dorpen San Paolo en Appiano te nemen. Deze pittoreske Zuid-Tiroler dorpen met hun smalle met kleine kasseien geplaveide wegen zijn door de rust en het weinige verkeer aangenaam om doorheen te rijden. 

De weg naar de Mendola - de SS 42 - is een vrij brede en goed geasfalteerde weg. Het traject naar de top kan in drie stukken worden verdeeld. Het eerste stuk met een dubbele rijbaan slingert door een afwisselend sparren en beukenbos met hier en daar hoge stenen wanden in de buitenbochten bestaand uit op elkaar gemetseld natuursteen. De steiltegraad schommelt tussen de vijf en zeven procent. Zo nu en dan breekt het geboomte aan de zijkant van de weg, zodat een weids panorama met zicht op de vallei van de Adige zich ontvouwt. Bij helder weer steken de besneeuwde en imposante toppen van de Marmolada fel af tegen de blauwe lucht. Aan de andere kant van de weg een steile rotswand. Sparrenbomen op de kliffen van het gebergte. Na acht kilometer breekt het middenstuk en tweede deel van de beklimming aan. Het geboomte maakt plaats voor een steile afgrond. De weg versmalt naar een enkele baan. Links de afgrond. Rechts de loodrecht oplopende rotswand. De vele losliggende keien en stenen worden door stalen netten bijeengehouden. Na een kilometer fietsen, waar het steilste deel van de Mendola met negen procent zich bevindt, verbreedt de weg weer tot de oorspronkelijke dubbele baan en blokkeren de bomen het uitzicht op de vallei. Dit derde stuk van de beklimming lijkt sterk op het eerste stuk, behalve de vele haarspeldbochten die de laatste vier kilometer sieren. De steiltegraad varieert eveneens tussen de vijf en zeven procent. De gebouwen op de passo komen in het zicht. Het bereiken van de top komt derhalve naderbij. De vele tornanti - haarspeldbochten - zorgen voor de nodige verlichting op de bovenbeenspieren. Het werkt moreel verhogend. Voor wie nog wat over heeft; het moment om de resterende energie in keiharde watts om te zetten en daarmee de Mendola op de erelijst der passi bij te schrijven.
Hoogte: 1363 meter
Afstand: 14,6 kilometer
Hoogteverschil: 955 meter
Gemiddelde stijging: 6,5%
Maximale stijging: 9%
Moeilijkheidsgraad: ✮✮✮✮
Passo della Mendola
# Toerisme en geschiedenis
De Passo della Mendola (Mendelpass in het Duits) is gelegen tussen de bergen Monte Penegal en de Monte Roen en maakt deel uit van een bergketen, de Costiera della Mendola. De strada statale 42 del Tonale e della Mendola verbindt de Adige-vallei met de Val di Non. De Mendola ligt een paar kilometer ten zuiden van de Passo delle Palade, die het dorp Cles met Merano verbindt. De Mendola is de thuisbasis van een cultureel centrum van de Katholieke Universiteit van het Heilig Hart.

Vanaf Caldaro is de Mendola ook via een kabelbaan, de Mendelbahn Standseilbahn, bereikbaar. Tot in de jaren 1930 reed de smalspoortrein van de Alta Anaunia-spoorweg (spoorlijn Dermulo-Fondo-Mendola) naar de Mendola-pas. Aan de westzijde van de Mendola ligt Fondo, een gemeente met 1500 inwoners, waar de beklimming van de Passo delle Palade begint. Het dorp biedt magnifieke vergezichten op de nabijgelegen bergen. Het twintig kilometer zuidelijk gelegen Lago di Santa Giustina is het grootste kunstmatige meer van de provincie Trentino. De imposante Santa Giustina-dam, 152,50 m hoog, werd in 1951 ingehuldigd en was destijds de hoogste dam van Europa. De constructie vereiste vijf jaar werk en bestaat uit meer dan 110.000 kubieke meter beton. 

De Mendola is een vrij oude pasovergang. De aanleg ervan duurde van 1880 tot 1885. De naam van de passo is afkomstig van de oude boerderij Mendelhof, die na aanleg van de pas tot een hotel en kuuroord werd verbouwd.

De Mendola was zeer geliefd bij de adel in heel Europa: Francis Joseph I, Keizer van Oostenrijk, overnachtte er in 1903. Ook de beroemde keizerin Sissi (Elisabeth van Beieren) besteedde hier enkele malen haar vakantie. Andere beroemdheden zijn de schrijver Karl May, Nobelprijswinnaar Wilhelm Conrad Röntgen en de Indiase leider Mahatma Gandhi. Na de Eerste Wereldoorlog raakte de Mendola haar geliefde status kwijt.
# Il Passo della Mendola in Giro: de staking van de Bernina
Voorafgaand aan de start van de Giro van 1954 wordt in de kranten hoog opgegeven van het aanstaande duel tussen Coppi en Koblet. De vorige Giro is in een ware apotheose geëindigd met de vijfde eindoverwinning van Coppi. Het is tijdens een van de laatste etappes dat deze Ronde van ‘53 in het voordeel van de Italiaan wordt beslecht. Tijdens de zware Dolomieten etappe naar Bolzano strijden Coppi en Koblet om de dagzege. Coppi, die zichzelf voor de eindzege uitgeschakeld waant, vraagt aan de betere sprinter Koblet om de dagzege. Koblet stemt toe onder voorwaarde dat Coppi hem de volgende dag met de passage van de Stelvio en finish in Bormio niet zal aanvallen. Koblet vreest de betere klimmer Coppi en heeft veelal moeite met beklimmingen op grote hoogte. De volgende dag beklimmen ze in gezelschap van Bartali, Fornara en de jonge Nino Deflilippis de loodzware en hoge Stelvio. Deflilippis reageert stomverbaasd op als Coppi hem verzoekt om op negen kilometer van de top van te demarreren. Een verzoek dat hij onmogelijk kan weigeren. Koblet trapt in de val en achtervolgt de jonge Italiaan om zijn fel gewenste etappezege binnen te halen. Het is voor Coppi het sein om zijn deel van het niet-aanvalsverdrag te verbreken en snelt de verbouwereerde Koblet voorbij. De Zwitser moet passenin de ijle lucht en levert minuten van zijn voorsprong op Coppi in. In Bormio blijkt mooie Hugo ook zijn roze leiderstrui aan Coppi kwijt te zijn. Uit pure boosheid weigert de Zwitser de groene trui, het teken van de beste buitenlander, aan te trekken. Coppi wint zijn vijfde en laatste Giro. 

Ook oud-winnaar Magni maakt kans op de eindzege in 1954. Zijn deelname was uiterst twijfelachtig. Hij zou een beduidend lager bedrag aan startgeld ontvangen dan zijn twee grote concurrenten. Magni rijdt dat jaar voor een team dat voor het eerst in de Italiaanse wielergeschiedenis niet door een rijwielcontructeur wordt gesponsord, maar door de huidcrèmeproducent Nivea. Een direct gevolg van de toenemende welvaart in Europa. De eerste jaren na de oorlog was de fiets nog het belangrijkste vervoersmiddel voor de Europeanen. Het economische tij door de Marshall hulp begint ten faveure te keren. Daardoor kiezen vele Italianen voor het gemotoriseerde versie van de fiets: de Vespa. Hierdoor zien veel fietsenbouwers hun inkomsten dermate teruglopen dat zij afzien van hoofdsponsoring van wielerploegen. 

Coppi wint met zijn Bianchi-ploeg de openingsrit - een ploegentijdrit - rondom Palermo en neem 1’25 voorsprong op Koblet. De volgende dag zijn de rollen alweer omgedraaid. Coppi heeft het moeilijk op de zwaarste klim van de dag - de Portella Mandrazzi - moet direct de rol lossen en komt op achterstand binnen. De volgende dagen houden de beide kemphanen uitsluitend elkaar in de gaten en laten daarom veelal onbekende en onbeduidende renners om het roze strijden. Hierdoor kan de Nederlander Gerrit Voorting het roze na de vijfde etappe grijpen. De zesde etappe naar het in de Abruzzen gelegen l’Aquila blijkt achteraf de sleuteletappe van deze Giro te zijn. Een grote groep renners ontsnapt met toestemming van Coppi, Magni en Koblet. De onbekende Zwitser, Carlo Clerici, neemt de roze trui van Voorting over. Clerici werd vorig jaar nog door zijn team uit de Giro werd gezet wegens het helpen van landgenoot Koblet. Een terugbetaling van zijn landgenoot? De wijze echter waarop de grote renners weigeren te strijden voor de eindoverwinning komt hen bij de aankomst in l’Aquila op scheldpartijen en helse fluitconcerten van de supporters te staan. De tifosi die zich het gehele jaar op de strijd hebben verheugd, voelen zich door de vedetten in de maling genomen. De enige coureur die hen kan bekoren is de al veertigjarige Bartali. Eveneens bekorenswaardig is de twintigjarige Silva Koscina, fotomodel en actrice, die de eerste officiële rondemiss in de geschiedenis van de Giro is. Het continue uitjouwen en beledigen wekt bij de renners voornamelijk stress en irritatie op. Als een knecht van Coppi de volgende dag demarreert, wordt hij door zijn kopman persoonlijk teruggehaald. Het komt de jonge Italiaan op een scheldkanonnade van Coppi te staan en wordt zodoende in het bijzijn van al zijn collega’s vernederd. Het stuit de Zwitser Croci-Torti tegen de borst en roept op zijn beurt Coppi tot de orde. Dit komt de Zwitser op een vuistslag in het gezicht van de immer furieuze Coppi te staan. Torti grijpt op zijn beurt in de achterzak van zijn shirt, pakt zijn pomp eruit en slaat Coppi ermee op zijn rug. Het conflict leidt tot een algehele vechtpartij in het peloton. Normaliter worden vechtersbazen direct uit de Giro verwijderd, maar de staat van Coppi is onaantastbaar. Het komt hem op een boete te staan, die hij lachend afdraagt.

Als het peloton in de Dolomieten arriveert laat Coppi, tot grote tevredenheid van de vele tifosi, weer wat van zijn grandeur zien. In de zware etappe over de Pordoi en Gardena rijdt hij op Coppiaanse manier uit het peloton weg en komt solo in Bolzano aan.

De volgende dag is de koninginnenetappe met beklimmingen van de Mendola, Tonale, Aprica en tot slot de zware Passo Bernina, die haar debuut maakt in de Giro. De finishlijn ligt tenslotte in het Zwitserse skioord Sankt Moritz. Om negen uur klinkt in het regenachtige en koude Bolzano het startschot. In een rustig tempo rijdt men de eerste col van de dag - de passo della Mendola - op. Het is de Nederlander Hein van Breenen die als eerste bovenkomt. De Amsterdammer was een meesterknecht van Wim van Est en Wout Wagtmans met de bijzondere bijnaam Tarzan, overgehouden aan een veldrit waar hij een valpartij wist te voorkomen door zich aan een overhangende tak vast te grijpen. Van Breenen is kansloos voor welk klassement dan ook en viert vandaag zijn verjaardag, waardoor hij een vrijgeleide van het voort peddelende peloton krijgt. Waarom men zo langzaam rijdt, de eerste honderd kilometer van de etappe wordt met een gemiddelde snelheid van 21 kilometer per uur over redelijk makkelijke beklimmingen afgelegd, is onduidelijk. Achteraf wordt vermoed dat de lage premies en het instellen van een tijdslimiet een rol hebben gespeeld bij de stilzwijgende staking. Wat zeker een rol heeft gespeeld is de invloed van de capitani, de belangrijkste mannen in de koers. Coppi zou nooit meer de achterstand van een half uur goed kunnen maken en had zijn etappezege al binnen. Bovendien speelt zijn buitenechtelijk affaire een rol in zijn gemoedstoestand. In Sankt Moritz zal hij zijn aanstaande geliefde - Giulia Locatelli (de witte dame) weer ontmoeten. Koblet op zijn beurt voelt zich niet lekker; last van zijn ademhaling. Magni, die in onmin met de organisatie leefde vanwege het niet krijgen van startgeld, vond dat elke vorm van protest uitstekend van pas komen.

Op de Bernina tracht Bartali zich uit de futloosheid van het peloton te ontworstelen, maar wordt tegengehouden. Iets dat enkele jaren geleden nooit zou zijn gebeurd, maar een teken aan de wand is van de afgenomen status van de Toscaan. Koblet lukt het uiteindelijk wel wint zijn fel gewenste etappe. Coppi wordt gefotografeerd als hij door ‘een dame in het wit’ in de armen wordt gesloten. Het is het begin van de verkettering door een deel van de Italiaanse pers en samenleving die de ontrouwe Coppi ten deel zal gaan vallen. Na afloop wordt er geen prijs uitgereikt vanwege ‘gebrek aan sportieve geest’. Clerici wint de Giro van 1954. De Italiaanse renners krijgen door de Italiaanse Bond een startverbod van twee maanden opgelegd. Hiermee neemt de bond wraak op de renners voor de Staking van de Bernina.
Share by: