# Il Passo di Costalunga in Giro
‘Als aanvallen niet meer kan, vergaat mijn plezier in de sport. Ik doe het voor het publiek. De mensen houden van spektakel. Ze hebben daar recht op. Ik vind het leuk om een beetje show te maken. Ze geeft mij moraal en strijdlust. En wat kosten die sprintjes je nou helemaal? De mensen waarderen me omdat ik zo strijdlustig ben.’
Claudio Chiappucci ziet op 28 februari 1963 in de gemeente Uboldo, Lombardia, het levenslicht. Zijn vader vertelt hem verhalen over hoe hij aan de zijde van de legendarische Fausto Coppi in Ethiopië heeft gevochten. Het wakkert Claudio’s interesse in de wielersport aan. Hij wordt in 1985 professional en strijdt in 1987 aan de zijde van de Ier Stephen Roche in de Giro d’Italia van dat jaar. Binnen de Carrera-ploeg strijdt de Ier tegen Chiappucci’s landgenoot Roberto Visentini om het kopmanschap. Chiappucci heeft veel ontzag voor de onverzettelijkheid van de Ier en helpt hem aan de eindzege. Zelf behaalt Chiappucci pas in 1989 zijn eerste profoverwinning bij de Coppa Placci. Een jaar later steekt Il Diablo voor het eerst zijn neus aan het venster. Tijdens de Giro van dat jaar wint hij het bergklassement in een ronde waarin Gianni Bugno van begin tot eind de roze leiderstrui draagt. Chiappucci verzamelt zijn punten door onder meer als eerste bovenop de Passo di Costalunga aan te komen. Het is de zevende keer dat de pas in het parcours van de Giro is opgenomen.
Chiappucci’s wereldwijde doorbraak vindt plaats tijdens de eerste etappe van de Tour de France van datzelfde jaar. Het lijkt een onschuldige ochtendetappe te worden. Het peloton is ogenschijnlijk bezig met de ploegentijdrit van die middag als vier mannen een riante voorsprong nemen. In het peloton kijkt iedereen elkaar aan. De vier: Ronan Pensec, Steve Bauer, Frans Maassen en Claudio Chiappucci sprinten voor de dagzege en de gele trui. Het is de Noord-Limburger Maassen die de etappe wint. De Canadees Steve Bauer draagt de komende acht dagen het geel, waarna het kleinood door Pensec en vervolgens Chiappucci wordt overgenomen. Beetje bij beetje snoepen de favorieten tijd van de kleine Italiaan af. Uiteindelijk lukt het de Amerikaan Greg Lemond pas om tijdens de individuele tijdrit rond het Lac de Vassivière om Chiappucci te onttronen en het geel voor vóór de Italiaan en de Nederlander Erik Breukink naar Parijs te brengen.
De ster van Chiappucci is rijzende. Hij valt aan waar en wanneer hij wilt. Hiermee gaat hij tegen de ongeschreven stalorders van het peloton in. Het levert hem de bijnaam Il Diablo (de duivel) en veel vijanden op. In de Tour van 1992 wint hij op bijna Coppiaanse wijze de etappe naar Sestrière. 223 kilometer rijdt de kleine Italiaan in de aanval. De laatste twee klimmen rijdt hij alleen en vecht op de slotklim tegen een ontketende Indurain. In zijn carrière wint hij drie Touretappes, een Giro-etappe, tweemaal de bolletjestrui in de Tour en drie maal de bergtrui in de Giro. Vijfmaal staat hij op het podium van een grote ronde. Als niet-sprinter wint hij in 1991 Milano - San Remo. In 1999 hangt hij zijn fiets aan de wilgen.