# Monte Nerone in Giro
In 2009 werd de Nerone voor het eerst in het Giro parcours opgenomen. Destijds arriveerde het peloton in Pianella maar nam in het stadje een andere route dan hierboven beschreven. Deze beklimming via het dorpje Ceretto vormt tevens een frequent onderdeel van de granfondo Straducale. Deze zijde is qua steiltegraad gelijk aan de andere twee zijdes. Het slechte asfalt van de smalle weg maakt dat deze zijde net wat zwaarder. Eenmaal boven op zo’n drieëneenhalve kilometer van de Nerone bevindt zich aan de rechterkant het monument ter verering van de centenario - de honderdste editie - van de Giro d’Italia. Op het monument staat de tekst gegraveerd: ‘a tutti i ciclisti che hanno reso leggendarie le strade del giro’ - aan alle wielrenners die de wegen van de Giro legendarisch hebben gemaakt. En legendarisch was deze 100-jarige Giro!
Een a-typische Giro zónder bergen van de buitencategorie én met de Alpen in de eerste week. Een opmerkelijke tegenstelling ten opzichte van het parcours van de vorige editie. In 2008 werd het parcours over vier van de zwaarste beklimmingen (Zoncolan, Plan des Corones (klimtijdrit), Mortirolo en de Gavia) van Italië gelegd.
Het aantal kanshebbers voor de eindzege is groot. Het rijtje bestaat uit de Italianen Ivan Basso (winnaar 2006), Danilo di Luca (winnaar 2007), Franco Pellizotti en Stefano Garzelli. De buitenlandse inbreng is serieus te noemen met de deelname van de meest recente Tour de France - Carlos Sastre, Denis Menchov (Vuelta 2007), Levi Leipheimer én de teruggekeerde zevenvoudig Tour de France winnaar Lance Armstrong die zijn debuut in de Italiaanse ronde maakt. De winnaar van 2008 - Alberto Contador - is afwezig. Hij legt zijn focus op de Tour de France.
De Giro ging van start met een ploegentijdrit rondom Venetië. Mark Cavendish mag de eerste roze trui van deze ronde om de schouders hangen. Spoedig trekt de karavaan de Alpen in. De eerste bergetappe is een prooi voor Di Luca die vanaf dat moment de roze trui in zijn bezit heeft. Menchov wint vervolgens de tweede bergetappe middels een sprint tegen een uitgedunde groep der favorieten. Tot aan de 60 kilometer lange tijdrit van Sestri Levante naar Riomaggiore blijft Di Luca fier aan de leiding. Tijdrijden is echter niet besteed aan de kleine gifkikker uit de Abruzzen. Het is meer de specialiteit van de Rus Denis Menchov, die hier een geweldige tik uitdeelt aan de concurrentie door niet alleen de tijdrit te winnen maar ook Di Luca op bijna twee minuten te zetten. Toch bedraagt de voorsprong in het algemene klassement slechts veertig seconden in het voordeel van de Rus.
Met enkele andere kanshebbers binnen de twee minuten en een aantal lastige bergetappes in de Apennijnem stevent de Giro af op een ware climax. De eerste beproeving vindt plaats op 25 mei. Het betreft de zestiende etappe van Pergola naar Monte Petrano over 237 kilometer met onderweg de lastige beklimming van de Monte Nerone. Een vroege vlucht met Cunego, Popovych en Scarponi houdt tot aan de voet van de de laatste klim naar Petrano stand. Vanaf dat moment is het aan de twee kemphanen Di Luca en Menchov. Zoals zo vaak gaat echter een derde er met de buit vandoor. Tour-winnaar Carlos Sastre trekt aan het kortste eind. Hij wint niet alleen de etappe. Ook pakt hij tijd terug op zijn directe concurrenten waardoor hij derde staat. Menchov heeft nog steeds 39 seconden voorsprong op Di Luca.
Na de rustdag trekt het peloton de Abruzzen in met finish boven op de Reus van de Abruzzen: de Blockhaus. In de laatste kilometers piept en kraakt het bij de Rus. Hij moet lijdzaam toezien hoe Di Luca tijd terugpakt en Pellizotti de etappe wint. De achterstand van Di Luca bedraagt nu nog 26 seconden. Sastre betaalt echter de tol van zijn inspanning op de Petrano en staat vijfde. De winnaar van de dag - de Dolfijn van Bibione - heeft diens plek overgenomen.
Weer twee dagen later. Het peloton nadert de eindstreep in Rome. De laatste hindernis van de Centenario wacht. Aankomst op de Vesuvius. Ook hier laten de matadoren zich van hun fanatiekste kant zien. Een herboren Sastre wint op de flanken van de legendarische vulkaan. Pellizotti en Di Luca eindigen als tweede en derde, zodat de laatste met de bonificatieseconden op 18 seconden van het Russische roze komt te staan.
De laatste dag van de Giro breekt aan. Een korte tijdrit over slechts 14,4 kilometer door de straten van Rome met finish voor het Colosseum. Een relatief eenvoudige opgave voor Menchov om korte metten met zijn Italiaanse tegenstrever te maken en als eerste Rus de Giro te winnen. Het regent echter in Rome en dat zorgt ervoor dat de wegen spekglad worden. Als een-na-laatste gaat Di Luca fanatiek van start om Menchov meteen onder druk te zetten. Rijdend op zijn gewone wegfiets pakt hij bij het eerste tussenpunt vijf seconden op Menchov. De Sfinx lijkt niet onder de indruk te zijn en bij het tweede tussenpunt - nabij het Vaticaan - lijkt hij zelfs op weg om naast de Giro óók deze tijdrit op zijn naam te schrijven. Met nog een dikke kilometer voor de finish draait Mensjov het laatste rechte stuk op. Niets lijkt hem van de eindoverwinning af te kunnen houden. In de verte ziet hij het finishdoek bij het indrukwekkende Colosseum hangen. Plots slipt zijn voorwiel weg. Zijn ploeggenoten die al lang hoog en droog in de Rabobus gespannen voor de televisie hangen, springen op. Dit kan toch niet waar zijn! De ploegleiderswagen stopt abrupt. Mecanicien Vincent Hendrik staat al met een nieuwe fiets bij de verbouwereerde Rus, brengt hem direct op gang, waardoor Mensjov én Rabobank de Giro d'Italia winnen.
Na de finish gooit de altijd rustige Rus alle emoties eruit. Naderhand verklaart hij: “Natuurlijk waren mijn twee zeges in de Vuelta ook mooi, maar deze is toch wel heel bijzonder. Het deelnemersveld was hier heel erg sterk. Deze overwinning is absoluut de mooiste. Na de val was ik in een trance en had geen tijd om na te denken. Via mijn ploegleider kreeg ik te horen dat het verschil met Di Luca erg groot was. Ik wilde mijn fiets pakken van de grond, maar mijn mecanicien stond al naast me met een nieuwe fiets.” Di Luca wordt in eerste instantie als de nummer twee en Franco Pellizotti als nummer drie gehuldigd, maar blijken achteraf EPO (Di Luca) dan wel verkeerde bloedwaardes (Pellizotti) te hebben. Ze verliezen hiermee hun podiumplaatsen, welke door Sastre en Basso worden overgenomen. Uit onderzoek rondom het Oostenrijkse dopingschandaal van Humanplasma blijkt dat ook Mensjov gedurende zijn carrière niet schoon te hebben gereden. Zijn overwinning in de ronde van Italië 2009 staat heden ten dage nog immer ter discussie, maar blijft vooralsnog de eindwinnaar (en laat het zo ook maar blijven: Roberto Delvecchio).