# Le Tolfe in Strade Bianche
In tegenstelling tot het grootste deel van de bergen van de LaCollista-lijst is Le Tolfe nimmer in het parcours van de Giro d’Italia opgenomen. De korte beklimming vertolkt echter een zeer prominente rol in één van de belangrijkste klassiekers van Italië: de Strade Bianche. Om deze reden is Le Tolfe alsmede andere scherprechters in de voornaamste Italiaanse eendagsklassiekers zoals de Cipressa/Poggio (Milano-San Remo), Santuario Madonna di San Luca (Emilia), Basilico di Superga (Milano-Torino) en de Madonna del Ghisallo opgenomen in ‘de 100 van LaCollista’.
Le Strade Bianche - de witte wegen - kent vergeleken met de andere klassiekers nog nauwelijks historie. In 2007 is de Monte Paschi Eroica gestart en is vernoemd naar de oudste bank ter wereld: Banca Monte dei Paschi di Siena. Vanaf 2009 volgt een naamswijziging in Monte Paschi Strade Bianche en sinds 2012 gaat men verder zonder de toevoeging van Monte Paschi. Opmerkelijk gegeven is dat deze koers is afgeleid van een toertocht (en daarmee uniek in de wielerwereld): l’Eroica. Deze tocht bestaat sinds 1997 (en wordt eveneens rondom Siena georganiseerd), waarbij alle deelnemers met retro fietsen en dito kleding verplicht dienen rond te rijden. Slechts de valhelm behoort van moderne makelij te zijn. Overeenkomstig met de wedstrijd voor de profs is dat deze deels over de onverharde strade bianche rondom Siena wordt verreden.
De finish van de Strade Bianche vindt sinds het begin plaats op het beroemdste plein van de Toscaanse stad Siena - het Piazza del Campo. Dit indrukwekkende ontvangst - na een korte doch venijnige beklimming over Toscaanse kasseien - tezamen met het uitdagende, heuvelachtige en deels onverharde parcours zorgen ervoor dat deze nog jonge koers zeer geliefd is bij de toeschouwers én renners getuige het altijd zeer sterke deelnemersveld.
De Strade Bianche kent ondanks de korte geschiedenis enkele grote winnaars: de Zwitser Fabian Cancellara staat met drie overwinningen boven aan de lijst. Maar ook veelwinnaars zoals de Belg Philippe Gilbert (in zijn machtige jaar 2011 waarin hij ook andere klassiekers zoals de Brabantse Pijl, Amstel Gold Race, Waalse Pijl, Luik Bastenaken Luik en de Ronde van Lombardije won) en de Pool Michal Kwiatkowski. Slechts eenmaal - in 2013 - won een Italiaan de koers: Moreno Moser. Neef van de legendarische Francesco Moser.
In maart 2012 wordt de koers onder aangename temperaturen en onder een flauwe voorjaarszon verreden. Een groep onder aanvoering van de Toscaan Daniele Bennati stormt met nog dertien kilometer voor de finish in Siena op de laatste onverharde strook van de dag af. Le Tolfe. In deze groep zitten onder meer oud-winnaars Fabian Cancellara (ploegmaat van Bennati) en Maxim Iglinsky. Ook andere kleppers zoals Greg Van Avermaet, Allesandro Ballan, Roman Kreuziger, Oscar Gatto, Vincenzo Nibali, Giovanni Visconti bevolken de groep.
Bij het aansnijden van de scherpe bocht vlak voor de laatste onverharde strook van Le Tolfe, demarreert Van Avermaet van kop af en kiest het ruime sop. Ploeggenoot Ballan die in tweede positie rijdt, houdt slim even in, waardoor Cancellara direct op een gat zit. Vol overgave duiken de renners naar beneden over de losse stenen. Een stuurfout en je ligt in de bosjes. Eenmaal het bruggetje over begint de klim van Le Tolfe. Van Avermaet behoudt - staand op de pedalen op de zware en steile stroken - nog steeds voorsprong op de achtervolgende Zwitser. Met nog een twintigtal meter te gaan zet Cancellara - in zijn kenmerkende op het zadel zittende houding - vol aan en laat de Belg spartelend op het Toscaanse grind achter. Ploeggenoot Ballan tracht zijn karretje bij de Beer uit Bern aan te hangen maar mist sleepkabel. Op de top bij het kerkje wordt de voorsprong tien meter, twintig meter en snel honderd meter. De Zwitserse vogel is gevlogen en partito. Voor een superbe tijdrijder als Cancellara is het geen probleem om zijn voorsprong gestaag verder uit te bouwen. Eenmaal op de klim naar het Piazza del Campo over de grove en gecultiveerde kasseien (niet met die van Roubaix te vergelijken) kan de Zwitserse tempobeul het zichzelf permitteren het ‘rustig’ aan te doen en wint met een kleine minuut voorsprong op Iglinksy en Gatto voor de tweede maal de hel van het zuiden.