36: passo di Gavia

La Collista numèro 36: Passo di Gavia
# Beschrijving
De Passo di Gavia is met 2621 meter de op twee na hoogste pas van Italië. Alleen de Passo dello Stelvio en de Coll d’Agnello zijn hoger. De Gavia is van twee zijden te beklimmen. De noordzijde vanuit Bormio is tevens de voet van de Stelvio. Deze kant is aanmerkelijk langer dan de zuidelijke beklimming vanuit Ponte di Legno. Deze zuidzijde is tevens de klassieke zijde en wordt in de Giro meestal vanaf deze kant beklommen.

De zuidzijde van de passo begint wonderlijk genoeg met een korte afdaling na de afslag links van de weg naar de Passo Tonale. Tot aan Sant’Appolonia loopt de weg met zes á zeven procent aangenaam omhoog. Na dit dorp is het over met de relatieve rust. Tal van haarspeldbochten en een gemiddelde stijging rond de tien procent liggen hier voor de wielen. Als de weg plots versmalt en het bosrijke deel aanbreekt, begint het zwaarste deel met uitschieters tot vijftien procent aan toe. Eenmaal het bos achtergelaten is het moment aangebroken om even op adem te komen en te genieten van het fantastische uitzicht op de bergkammen van de Adamellogroep. De laatste kilometers met de beroemde onverlichte tunnel (lampje mee!) zijn daarentegen zwaar. De lengte van de klim en de ijle lucht gaan hun tol eisen. Gelukkig zijn de laatste hectometers relatief eenvoudig. De top is bereikt. Na een kilometer afdalen passeer je het Lago Bianco. De resterende afdaling naar Bormio is spectaculair en loopt grotendeels door een machtig dennenwoud. 
Hoogte: 2621 meter
Afstand: 17,7 kilometer
Hoogteverschil: 1327 meter
Gemiddelde stijging: 7,1%
Maximale stijging: 15%
Moeilijkheidsgraad: ✮✮
Passo di Gavia
# Toerisme en geschiedenis
Als de Passo dello Stelvio de koning is dan is de Passo di Gavia onvermijdelijk de koningin. De Passo di Gavia - vernoemd naar de 3223 hoge Monte Gavia - is ten tijde van de Eerste Wereldoorlog aangelegd om de Italiaanse legers in hun strijd tegen de Oostenrijkers te bevoorraden. De Gavia ligt ten noorden van de Adamellogroep - een berggebied dat deel uitmaakt van het Ortlermassief. Het gebied rond de Gavia behoort tot het nationaal park van de Stelvio. Vlak bij de pasovergang ligt een stuk Arctische toendra - uniek voor Italië - met een veelzijdige begroeiing van allerlei mossoorten. 

In de ochtend van de 20ste juli 1954 voltrekt zich een ramp op de zuidelijke flank van de Gavia. Een militair voertuig met 21 jonge soldaten stort door het wegschuiven van de aarde 150 meter het ravijn in. Zeventien soldaten komen om het leven. 
# Passo di Gavia in Giro
In 1960 wordt de Gavia voor het eerst in de Giro opgenomen. De Italiaan Imerio Massignan komt al eerste boven op de ruim 2600 meter hoge top. Tot aan 2018 wordt de Gavia twaalf keer in het parcours opgenomen, maar slechts tien keer daarvan gaat de beklimming door. In 1989 en 2013 wordt de passo vanwege sneeuwval en koude uit het parcours gehaald. Achteraf had de beklimming van 1988 eveneens geannuleerd dienen te worden. Het levert nog altijd spectaculaire en heroïeke beelden op. De Giro van dat jaar gaat op 23 mei van start in Urbino. De Fransman Jean François Bernard wint de tijdrit en draagt de eerste drie dagen het roze. De redelijk onbekende Massimo Podenzana neemt de trui van de Fransman over en zal deze gedurende negen etappes dragen, alvorens het kleinood aan Franco Chioccioli - de kleine Coppi - af te staan. De Italiaanse media verwachten dat de gedroomde opvolger van Fausto Coppi eindelijk de Giro zal gaan winnen. De veertiende etappe voert leidt het peloton over de Gavia. Een ontketende Johan van der Velde komt als eerste boven in apocalyptische omstandigheden. Het sneeuwt en de temperatuur blijft steken onder het vriespunt. De Brabander - leider van het paarse puntenklassement - kan niet verder en moet zich in een auto opwarmen. De nummers twee en drie van de etappe - Erik Breukink en Andrew Hampsten - denderen door de koude naar beneden. In de straten van Bormio is het de Nederlander die de etappe wint. De Amerikaan trekt de roze trui aan. Chioccioli finisht totaal ontredderd op ruim veertig minuten van Breukink. Met nog een klimtijdrit in het vooruitzicht lijken de kansen voor een eerste Nederlandse Giro-overwinning te stijgen. Daar waar specialist Breukink normaal gesproken de betere van de twee is - is deze klim er toch een te veel. De voor de ploeg Post rijdende Breukink eindigt in Milaan als de nummer twee van het klassement. Een gouden toekomst als rondewinnaar lijkt voor hem in het verschiet te liggen. In 1989 lijkt het zelfs te lukken, maar een enorme hongerklop op de Campolongo doet hem naar plaats vier zakken. Weg Giro! In 1990 lijkt de aimabele Breukink een kans in de Tour te maken. Een inzinking op de Tourmalet doet hem na alweer een Amerikaan - Greg Lemond - en de Italiaan Claudio Chiappucci op de derde plek belanden. Daarna breekt de heerschappij van Miguel Indurain in de Ronde van Frankrijk aan. De “Breuk” weet nimmer meer een goed klassement te rijden.

# Il mio Passo di Gavia
We hebben al enkele klimdagen achter de rug met onder meer de Passo di Pennes, Passo Bernina en gisteren de Mortirolo. Na een goede nachtrust en dito ontbijt in het hotel op de Passo Tonale suizen we naar beneden in de richting van Ponte di Legno. Een scherpe afslag naar rechts en het beklimmen van de legendarische Gavia is aan snee. Ondanks de vermoeienissen van de afgelopen dagen voel ik me relatief goed en uitgerust. Het steile bosrijke stuk verteer ik redelijk goed en ik kan op het gemakkelijkere stuk tot aan de tunnel een goed tempo hanteren. Ik weet enkele reisgenoten van Cycletours zelfs in te halen. Eenmaal in de onverlichte tunnel breekt het. Met het lampje van mijn mobiel in mijn ene hand en het stuur in de andere, baan ik me een weg door het duister. Ik heb werkelijk geen idee hoe ver de rotswanden bij mij verwijderd zijn. Autolampen om te helpen zijn er helaas niet. Gelukkig is er - zoals meestal het geval is - licht aan het einde van de tunnel. Eenmaal buiten is mijn ritme totaal weg. Het is nu worstelen door de laatste vele haarspeldbochten naar de top. De afdaling vergoedt echter veel en is spectaculair. Eerst stop ik bij het Lago Bianco, maak foto’s van het overweldigende landschap en het monument ter nagedachtenis aan de gevallenen van de Eerste Wereldoorlog. Vlak voordat we het bosrijke deel ingaan, word ik tijdens het dalen afgesneden door een medewielrenner. Ik besluit er achteraan te duiken. We suizen naar beneden. Hij weet een krappe voorsprong te behouden, wat mijn woede alleen maar groter maakt. Ik weet hem uiteindelijk bij te halen en uit mijn frustratie over zijn gevaarlijk manoeuvre naar hem. Hij biedt zijn verontschuldigingen aan en we vervolgen ieder onze weg naar Bormio om vervolgens de Stelvio op en af te rijden.
Share by: